Wat valt onder de WMO?
Hulp bij het huishouden
Hebt u hulp bij het huishouden nodig om zelfstandig te kunnen blijven wonen, dan is de gemeente er voor verantwoordelijk dat u die hulp krijgt. De meeste gemeenten maken onderscheid tussen twee vormen van hulp bij het huishouden.
Hebt u hulp bij het huishouden nodig om zelfstandig te kunnen blijven wonen, dan is de gemeente er voor verantwoordelijk dat u die hulp krijgt. De meeste gemeenten maken onderscheid tussen twee vormen van hulp bij het huishouden.
De eerste, eenvoudige vorm heeft betrekking op gewone dagelijks hulp in de huishouding, zoals wassen draaien, stofzuigen, boodschappen doen en ramen lappen. Deze vorm lijkt op wat vroeger ‘alfahulp’ heette.
De tweede, uitgebreide vorm van hulp bij het huishouden heeft niet alleen betrekking op de dagelijkse huishoudelijke klussen, maar ook op ondersteuning bij het voeren van een zelfstandig huishouden.
Als volgens de regels van uw gemeente is vastgesteld dat u recht hebt op langdurige, structurele hulp bij het huishouden, dan zal de gemeente u de keuze moeten bieden tussen hulp in natura of een persoonsgebonden budget. Hulp in natura wordt geleverd door een instelling voor thuiszorg, een schoonmaakbedrijf of een andere aanbieder waar de gemeente afspraken mee gemaakt heeft.
Kiest u voor een persoonsgebonden budget, dan krijgt u het geld voor de hulp bij het huishouden zelf in handen en kunt u zelf beslissen wie u komt helpen en hoe de hulp bij u thuis aan de slag gaat. U ontvangt dit budget op basis van een indicatiestelling. Meer hierover leest u verderop, onder het kopje indicatiestelling.
Rolstoelen
Hebt u een rolstoel nodig om u te verplaatsen in en rond uw woning, dan is de gemeente er voor verantwoordelijk dat u zo’n rolstoel krijgt. Dat kan een handbewogen rolstoel zijn, maar ook een elektrische rolstoel.
Hebt u een rolstoel nodig om u te verplaatsen in en rond uw woning, dan is de gemeente er voor verantwoordelijk dat u zo’n rolstoel krijgt. Dat kan een handbewogen rolstoel zijn, maar ook een elektrische rolstoel.
Als volgens de regels van uw gemeente is vastgesteld dat u recht hebt op een rolstoel, dan zal de gemeente u de keuze moeten bieden tussen een rolstoel in natura (geleverd door een leverancier waar de gemeente afspraken mee gemaakt heeft) of een persoonsgebonden budget.
Voor kortdurend, incidenteel gebruik van een rolstoel hoeft de gemeente u geen persoonsgebonden budget toe te kennen.
Kiest u voor een persoonsgebonden budget, dan krijgt u het geld voor aanschaf, het op maat maken, onderhoud, service en verzekering van de rolstoel zelf in handen. U ontvangt dit geld op basis van een programma van eisen, dat is vastgesteld tijdens de indicatiestelling. Meer hierover leest u verderop, onder het kopje indicatiestelling.
Ook het verstrekken van een tegemoetkoming voor sportrolstoelen behoort tot de taak van de gemeente. Het gaat hier niet om een persoonsgebonden budget, maar om een eenmalig forfaitair bedrag waarmee u voor een periode van drie jaar een sportrolstoel kunt aanschaffen en onderhouden.
Woonvoorzieningen
Hebt u woonvoorzieningen nodig om zelfstandig te kunnen blijven wonen, dan is de gemeente er voor verantwoordelijk dat u die voorzieningen krijgt. Er zijn verschillende woonvoorzieningen mogelijk.
Hebt u woonvoorzieningen nodig om zelfstandig te kunnen blijven wonen, dan is de gemeente er voor verantwoordelijk dat u die voorzieningen krijgt. Er zijn verschillende woonvoorzieningen mogelijk.
Bouwkundige of woontechnische (vaste) voorzieningen. Denk aan het verwijderen van drempels, het aanbrengen van handgrepen en steunen, het installeren van een traplift of elektrische deuropeners, het aanpassen van de keuken of de badkamer, het installeren van een deurbel met lichtsignalen of een intercom, het inrichten van een uitraaskamer, het realiseren van een uitbouw op de begane grond, het rolstoeltoegankelijk maken van toegangspaden, enzovoorts.
Roerende (losse) voorzieningen. Denk aan hulpmiddelen in de badkamer zoals een douchestoeltje, hulpmiddelen in de slaapkamer zoals een patiëntenlift, of het saneren van de vloerbedekking.
Vergoeding van verhuiskosten. De gemeente mag u namelijk vragen om te verhuizen naar een andere, aangepaste woning, als dat een adequate oplossing is voor uw woonprobleem.
Als volgens de regels van uw gemeente is vastgesteld dat u recht hebt op woonvoorzieningen, dan moet de gemeente u de keuze bieden tussen een verstrekking in natura of een persoonsgebonden budget. De enige uitzondering betreft bouwkundige of woontechnische voorzieningen in een huurwoning. Die voorzieningen moeten door de verhuurder worden aangebracht. In dat geval hoeft de gemeente u geen keuze aan te bieden voor een persoonsgebonden budget.
Kiest u voor een persoonsgebonden budget, dan krijgt u het geld voor de woonvoorziening zelf in handen. U bepaalt zelf wie u inschakelt voor het realiseren van de woonvoorziening en de levering van de hulpmiddelen. U bepaalt in dat geval ook zelf hoe de aanpassingen worden uitgevoerd. U ontvangt een budget op basis van een programma van eisen, dat is vastgesteld tijdens de indicatiestelling. Meer hierover leest u verderop, onder het kopje indicatiestelling.
Individuele vervoersvoorzieningen
Hebt u problemen met het lokale vervoer buitenshuis en of problemen met het gebruik van openbaar vervoer in uw regio, dan is de gemeente verantwoordelijk voor het verstrekken van een vervoersvoorziening. De gemeente kan in zo’n geval volstaan met het aanbieden van een collectieve voorziening (zoals een regiotaxi), als dat voor u een adequate oplossing is. Is collectief vervoer geen adequate oplossing, dan hebt u recht op een individuele vervoersvoorziening.
Hebt u problemen met het lokale vervoer buitenshuis en of problemen met het gebruik van openbaar vervoer in uw regio, dan is de gemeente verantwoordelijk voor het verstrekken van een vervoersvoorziening. De gemeente kan in zo’n geval volstaan met het aanbieden van een collectieve voorziening (zoals een regiotaxi), als dat voor u een adequate oplossing is. Is collectief vervoer geen adequate oplossing, dan hebt u recht op een individuele vervoersvoorziening.
Bij een individuele vervoersvoorziening kunt u denken aan een scootmobiel, een aangepaste driewielfiets, speciale vervoermiddelen voor kinderen met een handicap, een vergoeding voor taxikosten, aanpassingen aan uw auto of een speciaal voertuig voor gehandicapten.
Als volgens de regels van uw gemeente is vastgesteld dat u recht hebt op individuele vervoersvoorzieningen, dan moet de gemeente u de keuze bieden tussen een voorziening in natura (waarbij de gemeente afspraken maakt met de leverancier) en een persoonsgebonden budget.
.gif)







